Bananen algemeen: (Musa,
Ensete en Musella) week de zaden 48 uur in lauw water (een thermosfles is ideaal
om het water op temperatuur te houden), ververs het water elke 12 uur (het
gebruik van Kirstenbosch seedprimer of GA3 bij het inweken kan de kieming
bevorderen en ook het vooraf overgieten met kokend water zou naar verluidt de
zaden kunnen helpen kiemen). De zaden zo diep
zaaien dat er nog net
iets van het zaadje zichtbaar is (er wordt vanuit gegaan dat licht een rol
speelt bij de kieming), op een warme (25-30 C.) en zeer lichte plek wegzetten,
de aarde vochtig houden! Na twee weken regelmatig controleren of er al zaden
kiemen, de zaailingen oppotten in een goede potgrond met ca. 20% perlite erdoor
heen gemengd, voorzichtig laten wennen aan de zon! Op een warme en lichte plek
zullen de zaailingen snel groeien, grotere planten hebben met warm weer veel
voeding en zeer veel water nodig. Wacht met het uitplanten van winterharde
soorten in de volle grond tot de plant uitlopers heeft gevormd (dit duidt op een
goed ontwikkeld wortelstelsel), wacht eventueel tot het tweede groeiseizoen.
Strelitzia's (Reginae, Nicolai, Alba, Juncea, Caudata en Mandela's Gold) en
Ravenala's (Madagascariensis en Guayanensis) verwijder de zaadrok (het fel
gekleurde "pluimpje"), niet de zaden gaan inkerven zoals vaak wordt beweerd, dit
leidt tot rotting! Daarna als bij bananen algemeen.
Heliconia's (diverse soorten): de zaden licht schuren, vier dagen laten
weken in lauw water, ververs het water elke 12 uur, op de oppervlakte
zaaien
van een luchtig grondmengsel (de zaden niet geheel bedekken, zoals bij alle
banaan-achtigen speelt licht een rol bij de kieming), het mengsel licht
aandrukken, zorg voor veel (bodem)warmte en licht.
Pas op: Bananen hebben soms veel tijd nodig om te kiemen, drie maanden is geen
uitzondering, het komt zelfs voor dat pas na 3 jaar de kieming plaats vindt,
wees dus geduldig en gooi het zaad niet te snel weg!
Palmen algemeen: week de zaden 48 uur in lauw water (een thermosfles is
ideaal om het water op temperatuur te houden), ververs het water elke 12 uur.
Doe de zaden in afsluitbare zakjes gevuld met vochtig (niet nat!) perlite of
Cocopeat of een mengsel van beide en leg ze warm weg (25-30 C.). Na twee weken
regelmatig controleren of er al zaden kiemen, de zaailingen oppotten in een
goede potgrond met ca. 20% perlite erdoor gemengd in diepe potten (palmpotten
van 7x7x18 cm. zijn ideaal. Voorzichtig laten wennen aan de zon.
Trachycarpus en Chamaerops: als de Trachycarpus-zaden er erg vers uit
zien sla dan het weken over, probeer het "velletje" te verwijderen (pellen), de
kiemtemperatuur ligt tussen de 18-22 C., bij hogere of lagere temperaturen kiemt
het zaad niet! Verder als bij "palmen algemeen".
Butia capitata, B. paraguayensis en Jubaea chilensis: hebben een lange
kiemduur (minimaal enkele maanden) die eventueel verkort kan worden door het
zaad te kraken of door te slijpen o.i.d., binnenin bevinden zich namelijk de
(meerdere) echte zaden, dit moet echter zeer voorzichtig gebeuren omdat deze
zaden beslist niet beschadigd mogen worden, verder als bij "palmen algemeen".
Butia eriospatha: de zaden enkele weken droog in de koelkast bewaren,
daarna als bij B. capitata en paraguayensis (de kieming is wel sneller als de
andere Butia's).
Alle andere palmen: zie palmen algemeen.
Als de zaden zijn geleverd met vruchtvlees moet dit eerst zoveel mogelijk worden
verwijderd!
Actinidia melandra:
zaaien in lichtvochtige zaaigrond met wat
exta zand, de zaden nauwelijks bedekken met het zelfde mengsel, warm en licht
wegzetten.
Adansonia digitata: de zaden een dag laten weken in lauw water, ongeveer
een zaaddikte diep zaaien,
warm en vochtig (niet nat!) op een lichte plek wegzetten, de zaaigrond nooit
geheel uitdrogen!
Afrikaanse Iris: zie Dietes vegeta
Afrikaanse Lelie: zie Agapanthus Africanus
Agapanthus africanus: volgt u de zelfde procedure als bij "Succulenten en
Xerophyten".
Amorphophallus (Paeoniifolius, Kaichinensis, Longituberosus, Macrorhizus,
Yunnanensis en Kiusianus):
zaaien in een luchtig
mengsel met veel organisch materiaal (compost), de zaden beslist niet laten
uitdrogen, afdekken met een transparant plastic zakje en warm en licht
wegzetten. De "knol" vorstvrij en droog laten overwinteren.
Apple Box: zie
Eucalyptus Bridgesiana
Asimina Triloba: voor de kieming is een koudeperiode van 60-100 dagen
nodig, buiten zaaien
in de winter in een potje met vochtige aarde of in een zakje met vochtige aarde
in de koelkast bewaren, daarna warmer, kiemduur 4-8 weken.
Bamboe: zie Phyllostachys
Baobab: zie Adansonia Digitata
Belamcanda chinensis: de zaden hebben een koudeperiode nodig om te kunnen
kiemen, eind van de winter buiten
zaaien in zaaigrond,
de zaden bedekken met een dun laagje aarde, licht aandrukken, vochtig houden
maar niet nat. Het is ook mogelijk de zaden door een klein beetje vochtige
zaaigrond te mengen en dit 6 weken in de koelkast te bewaren, daarna uitspreiden
over een potje met zaaigrond en op een lichte warme plek wegzetten.
Blackberry Lily: zie Belamcanda chinensis
Brazilian Cabbage Tree: zie Cordyline dracaenoides
Brugmansia: een zaaddikte diep
zaaien in een luchtig
grondmengsel, warm,veel licht, hoge luchtvochtigheid, vochtig houden maar niet
nat!
Candy Lily: zie Belamcanda chinensis
Caragana arborescens: heeft een koude periode nodig om te kunnen kiemen,
daarom eind van de winter buiten
zaaien in een potje
(de zaden eerst 24 uur laten weken in warm water), anders is een
koudebehandeling uiteraard ook mogelijk in de koelkast.
Cedrus libani:
zaaien in kleiachtige grond met wat extra
zand, vochtig houden maar niet nat!
Coffea arabica: een zaaddikte diep
zaaien in goed
doorlatende lichtvochtige (niet nat!) potgrond, op een warme en lichte plek
wegzetten. Koffie heeft veel tijd nodig om te kiemen!
Cordyline australis en terminalis: volgt u de zelfde procedure als bij
"Succulenten en Xerophyten".
Cordyline banksii, dracaenoides en indivisa: meng de zaden door een heel
klein beetje (twee of driemaal het volume van het zaad) vochtige zaaigrond en
bewaar dit minimaal 6 weken in de koelkast in een plastic zakje, daarna dit
mengsel bovenop een potje met zaaigrond uitspreiden, verder als bij "Succulenten
en Xerophyten".
Costus (diverse soorten): een zaaddikte diep
zaaien,
vochtig en warm houden, veel licht.
Cycassen (Cycas, Dioon, Encephalartos, Macrozamia, Zamia etc.): week de
zaden 48 uur in lauw water (een thermosfles is ideaal om het water op
temperatuur te houden), ververs het water elke 12 uur. Vul Tupperware-bakjes
voor de helft met Cocopeat, perlite of een mengsel hiervan, druk de zaden langs
de lengte-as half in het medium, de bakjes warm (25-30 C.) wegzetten, na de
kieming begint een penwortel naar beneden te groeien, als deze ongeveer een
centimeter lang is oppotten in (bij voorkeur) palmpotten van 7x7x18 cm. in goede
potgrond met ca. 20 procent perlite erdoor gemengd. Datura: zaaien op de oppervlakte van
een mengsel van zaaigrond met extra zand, bedek de zaden nauwelijks met dit
mengsel, licht vochtig houden. Als de zaden opkomen langzaam aan steeds meer
licht laten wennen.
DietesvVegeta: de zaden een zaaddikte diep zaaien
in een luchtig mengsel, warm en licht vochtig houden, de kieming kan vrij lang
duren.
Diospyros kaki: zaaien in een mengsel van
zaaigrond en zand, medium vochtig houden, niet nat!, wegzetten op een warme
lichte plek. Kaki heeft veel tijd nodig om te kiemen.
Doryanthes palmeri en excelsa: zie Succulenten en Xerophyten.
Dracaena draco: zie palmen algemeen, de planten hebben echter een minder
diepe pot nodig.
Elaeagnus angustifolia: de zaden een dag voorweken in lauw water,
ongeveereen zaaddikte diep zaaien, de grond pas
weer bevochtigen als deze bijna droog is. Heeft veel licht nodig. De Russische
Olijf heeft vrij veel tijd nodig om te kiemen.
Eriobotrya japonica en E. deflexa: zaaien
in een luchtig en vochtig grondmengsel (niet nat!), wegzetten op een warme en
lichte plaats.
Etlingera elatior en venusta: de zaden een halve dag laten weken in lauw
water, zaaien in een luchtig mengsel (b.v.
zaaigrond met wat extra zand), wegzetten op een zeer lichte en warme plek met
een hoge luchtvochtigheid.
Eucalyptus crenulata: meng het zaad door
een klein beetje (twee of driemaal het volume van het zaad) zaaigrond of
Cocopeat, maak dit mengsel vochtig en bewaar het 4 weken in een plastic zakje in
de koelkast, daarna verdelen over de oppervlakte van een potje met vochtige
zaaigrond en dit wegzetten op een lichte plek (20-25 C.), vochtig houden!
Eucalyptus bridgesiana en neglecta: op de
oppervlakte van een potje zaaigrond zaaien, de
zaadjes nauwelijks bedekken met een heel dun laagje zand, vochtig houden, niet
nat!
Granaatappel: zie Punica granatum.
Ginkgo biloba: ongeveer een zaaddikte diep zaaien
in lichtvochtige zaaigrond met wat extra zand er door gemengd, veel licht!
Hedychium (diverse soorten): de zaden 2 uur in heet water laten weken
(het weken heeft in dit geval twee functies: de harde buitenkant van het zaadje
wordt er door verzacht en de nog eventueel aanwezige chemische stoffen die
kieming kunnen belemmeren worden verwijderd, in de natuur gebeurd dit in het
maag-darmkanaal van dieren die de zaden eten), daarna
zaaien bovenop een luchtig grondmengsel, zorg ervoor dat de zaden niet
helemaal bedekt zijn (net als bijvoorbeeld bij banaanachtigen blijkt licht een
rol te spelen bij de kieming), warm (ca. 25 C.) en vochtig houden (niet
drijfnat), veel licht, de kieming kan vrij lang duren (2-6 weken).
Jelecote Den: zie Pinus patula.
Kaki: zie Diospyros Kaki.
Koffie: zie "Coffea arabica".
Loquat: zie Eriobotrya japonica en E. deflexa.
Libanese Ceder: zie Cedrus libani.
Luipaardbloem: zie Belamcanda chinensis.
Malay Rose: zie Etlingera venusta.
Maleisische Roos: zie Etlingera venusta.
Moso Chiku: zie Phyllostachys pubescens.
Nerium oleander: zaaien op de oppervlakte
van een mengsel van zaaigrond met extra zand, bedek de zaden nauwelijks met dit
mengsel, licht vochtig houden. Als de zaden opkomen langzaam aan steeds meer
licht laten wennen.
Nieuw-Zeelands Vlas: zie Phormium tenax.
Olea Europea: Vijl of knip voorzichtig een puntje van de zaden (zodat
vocht kan binnendringen), ongeveer een zaaddikte diep
zaaien in luchtige zaaigrond, vochtig houden, niet nat!. Wegzetten op een
warme plek met veel licht.
Olijf: zie Olea europea.
Omeo Gum: zie Eucalyptus neglecta.
ParasolDen: zie Pinus pinea.
Passiflora (diverse soorten): een zaaddikte diep
zaaien in vochtige, goed doorlatende zaaigrond, veel licht en warmte,
houdt van een hoge luchtvochtigheid.
Paw Paw: zie Asimina triloba.
Phormium tenax: meng de zaden door een klein beetje vochtige aarde en
bewaar dit mengsel 8 weken in de koelkast, daarna uitspreiden over een potje met
aarde met wat zand erdoor gemengd, op een lichte plek wegzetten, vochtig houden.
Nieuw-Zeelands Vlas heeft vrij veel tijd nodig om te kiemen.
Phyllostachys pubescens en P. heteroclada: de zaden een dag laten weken
in water, (bij voorkeur) zaaien in vochtig
perlite, bedek de zaden met een dun laagje perlite, vochtig houden, niet nat!,
warm en licht wegzetten. Als u niet aan perlite kunt komen kan dit eventueel
worden vervangen door zaaigrond met wat zand er door gemengd. De jonge planten
de eerste winter binnen laten overwinteren op een koele plek.
Pink Torch Ginger: zie Etlingera eliatior.
Pinus pinea en P. patula: een zaaddikte diep
zaaien in luchtige, goed doorlatende zaaigrond, warm en licht wegzetten,
de aarde pas weer sproeien als deze droog aanvoelt.
Poncirus trifoliata: zaaien in een potje
met lichtvochtige zaaigrond op een lichte plek.
Protea (diverse soorten): de bijgeleverde halve seedprimer in een bakje
met 25 ml. water leggen, week de zaden een dag in deze oplossing, daarna een
zaaddikte diep zaaien in een mengsel van zand en
compost. Op een lichte en warme plek wegzetten. Vochtig houden, niet nat!
Punica granatum: de zaden ongeveer een zaaddikte diep
zaaien in zaaigrond met wat extra zand, op een
warme en lichte plek wegzetten, pas weer sproeien als de aarde begint op te
drogen.
Red Torch Ginger: zie Etlingera eliator.
Rode Kiwi: zie Actinidia melandra.
Russische Olijf: zie Elaeagnus angustifolia.
Siberische Erwtenstruik: zie Caragana Arborescens.
Succulenten en Xerophyten (Agave's, Cactussen, Yucca's, Beaucarnea's,
Dasylirions, Doryanthes, Ocotillo, Puya's, Xanthorrhoea's e.d.): vul een
zaaibakje met lichtvochtige zaaigrond met wat extra zand daar door gemengd, op
de oppervlakte zaaien, de zaden nauwelijks
bedekken met hetzelfde mengsel, warm en licht wegzetten, pas weer sproeien als
de aarde begint op te drogen. (Beaucarnea's, Nolina's en Dasylirions
zaaien zonder het drievleugelig kapsel -het
vliesje wat soms nog om de zaden zit-). Winterharde soorten die u buiten wilt
gaan aanplanten kunt u beter de eerste keer binnen laten overwinteren.
Tetrapanax Papyrifera: zaaien in vochtige
zaaigrond, niet in fel licht!
Victorian Silver Gum: zie Eucalyptus
Crenulata.
Water Bamboe: zie Phyllostachys.
Winterharde Citrus: zie Poncirus Trifoliata.
|